Het verband tussen een fysiek actieve levensstijl en cognitieve en neuropsychiatrische symptomen bij mensen met een milde cognitieve stoornis: een descriptieve en exploratieve analyse
Massé Maxine, Vanstaen Charlotte, 2025
Verband tussen het hebben van een fysiek actieve levensstijl en cognitieve en neuropsychiatrische symptomen bij mensen met MCI.
De wereldbevolking vergrijst in snel tempo, waardoor aandoeningen zoals dementie steeds vaker voorkomen. Voorafgaand aan dementie bevindt zich vaak een tussenfase: milde cognitieve stoornis (MCI). Mensen met MCI ervaren geheugen- of aandachtsproblemen, maar functioneren nog grotendeels zelfstandig. Toch ontwikkelt ongeveer één op vijf MCI-patiënten binnen drie jaar dementie. Naast cognitieve symptomen (zoals geheugenverlies en oriëntatieproblemen) ervaren MCI-patiënten ook neuropsychiatrische symptomen (zoals stemmings- en gedragsveranderingen). Hoewel onderzoek zich vaak toespitst op geheugenproblemen, kunnen andere symptomen even belangrijk zijn voor vroege herkenning en gerichte ondersteuning. Een fysiek actieve levensstijl wordt vaak genoemd als mogelijke beschermende factor tegen verdere achteruitgang, maar wetenschappelijk bewijs hierover is voorlopig beperkt en niet eenduidig.
Dit onderzoek had als doel om in kaart te brengen welke cognitieve en neuropsychiatrische symptomen het meest voorkomen bij mensen met MCI, hoe ernstig deze ervaren worden, en of een actieve levensstijl hiermee samenhangt.
De meest voorkomende cognitieve klachten betroffen geheugen-, aandachts- en organisatieproblemen, evenals taal- en spraakstoornissen. Wat betreft neuropsychiatrische symptomen werden veranderingen in sociaal gedrag, stemming en motivatie frequent gerapporteerd. De bevindingen leveren een bijdrage aan de bestaande literatuur over de prevalentie van symptomen bij MCI en benadrukken het belang van tijdige detectie voor een gepaste behandeling. Er werd echter geen statistisch significant verband gevonden tussen een actieve levensstijl en de ernst van de gerapporteerde symptomen.
De maatschappelijke meerwaarde van deze masterproef ligt in het vergroten van inzicht in de brede waaier aan symptomen bij MCI. Dit kan zorgverleners helpen om behandelingen beter af te stemmen op de individuele noden van patiënten, bijvoorbeeld door cognitieve ondersteuning of psychosociale begeleiding te overwegen. Beleidsmatig onderstreept dit onderzoek het belang van het stimuleren van fysieke activiteit bij ouderen en het investeren in verder grootschalig en gestandaardiseerd onderzoek.
| Promotor | Julie Latomme |
| Opleiding | Gezondheidsvoorlichting en -bevordering |
| Kernwoorden | MCI fysiek actieve levensstijl cognitieve symptomen neuropsychiatrische symptomen |